De cursus Verdiepingscursus geschiedenis van de westerse klassieke muziek zit inmiddels vol!
Wil je toch deelnemen of andere opties bespreken? Geef ons dan je gegevens door voor de wachtlijst.
€ 140,00
Zes
portretten van componisten uit zes tijdperken
Claudio Monteverdi 1567 – 1643: Leefde op het grensvlak tussen de Renaissance
en Barok en was in beide stromingen thuis. Het bijzondere van deze componist is
dat hij naar eigen smaak experimenteerde met nieuwe vormen van muziek. Monteverdi
stelde de tekst boven de muziek: ‘prima la parole e poi la musica’. Vanuit deze
overtuiging brak Monteverdi met de oude regels van de polyfonie. Je mag van deze componist zeggen dat hij de
eerste echte opera op zijn naam heeft staan. Uiteraard wilde de oude garde
niets van deze ‘nieuwigheden’ weten, maar de componisten uit de Barok waren
deze wegbereider alleen maar dankbaar. Monteverdi, componeerde madrigalen, opera’s en kerkmuziek zoals de Mariavespers.
Antonio Vivaldi 1678-1741: Koud,
knisperend, wind, stampvoeten, klappertanden, moe, loom, dronken, slaperig:
Vivaldi weet de klanken van de Vier Jaargetijden realistisch te vertalen in
muziek. Maar naast deze hit heeft Vivaldi ook talloze opera’s en kerkmuziek
geschreven. Voor de meisjes-vondelingen, het “conservatoria dell’ ospedale
della pietà” heeft hij 500 concerten geschreven. Heel veel productie werk dus
en om dit voor elkaar te krijgen gebruikte hij de sequens. En dat leg ik uit
met muziekvoorbeelden en beelden en op mijn gitaar.
Franz Schubert
1797-1828: Was misschien wel de
eerste zelfstandig scheppende componist, zijn werk werd weinig uitgevoerd. Hij
had nog geen publiek: de aristocratie en de kerk waren zijn toehoorders niet
meer en de burgerij nog niet. Hij was een componist tussen de klassen en aangezien
hij (nog) geen publiek had werden er Schubertiaden georganiseerd:
kamerconcerten in kleine kring. In deze lezing luisteren we naar zijn heerlijke
melodieën, zijn originele strijkkwartetten en natuurlijk naar “het Lied” zoals
alleen Schubert die kon schrijven. Ook neem ik mijn gitaar om voorbeelden
duidelijk
Nationalisten,
vanaf 1850: De
Tsjechische componist Dvořák hield bijzonder veel van zijn land en was
dol op volkse wijsjes die nog altijd in dorpen en gehuchten werden gespeeld.
Hij verwerkte die liefde onder andere in zijn ‘Slavische dansen’ en je hoort de
Boheemse bossen ruisen in zijn celloconcert. De Noorse componist Grieg
werd elke keer weer verpletterd door de onmetelijke schoonheid van de natuur,
waarboven Gods lasershow (het Noorderlicht) zich in de winter afspeelde. Dat
hoor je in zijn ‘Peer Gynt suite’. De Finse componist Sibelius componeerde
het symfonisch gedicht “Finlandia’, een patriottisch stuk gericht tegen de
Russische overheersing. Een ode aan de onovertroffen schoonheid van Finland en
tegelijkertijd een daad van verzet.
Société Nationale de Musique française opgericht door Saint Saens in 1871:
In de tweede helft van de 19de eeuw sluiten ook Fauré en Debussy
zich aan bij deze sociëteit die tot doel had de Franse muziek te
bevorderen.
1870-1871 breekt de Frans- Pruisische oorlog uit, Parijs was een jaar bezet
door de Duitsers, die Frankrijk verloor en de stemming was Anti Duits, en anti
Wagner. Franse
muziek klinkt lyrische, niet dramatisch, eerder eenvoudig dan complex.
Dimitri Sjostakovitsj 1906-1975, de angstkunstenaar: In
1936 beweerde Stalin dat de Sovjetopera ‘gebruikt moest maken van de nieuwste
middelen als het om muzikale technieken ging, maar dat het idioom ervan
dicht bij de massa moest blijven, en helder en toegankelijk moest zijn’. Aan
deze oproep kon Sjostakovitsj niet altijd voldoen. Stalin liep weg tijdens de
voorstelling en in de krant werd zijn muziek afgedaan als ‘Chaos in plaats van
muziek’. De revolutie van 1917, de Russische burgeroorlog, het beleg van
Stalingrad en de voortdurende onderdrukking maakte hem bang. Een componist die
schrijft voor de massa maar ook voor de elite. Zowel de tweede wals gespeeld
door Andre Rieu als de radicale opera De Neus, zowel de
filmmuziek The Gadfly als de hartstochtelijke strijkkwartetten
zijn geschreven door een en dezelfde componist.
Mijn gitaar en de meest treffende muziekvoorbeelden begeleiden de lezing.
De docent geeft een cursus 'Inleiding' en 'Verdieping' van de Westerse klassieke muziek. Beide cursussen zijn afzonderlijk te volgen. Het maakt niet uit in welke volgorde.
Na elke les is er een hand-out.
Gebouw Volksuniversiteit
Nieuwegracht 41
3512 LE, Utrecht
Olga Franssen
“Zonder muziek zou het leven een vergissing zijn” - Nietzsche